Het zakboekje van Pieter Johan Faber

Pieter Johan Faber was medewerker van de Sicherheitsdienst (SD) op het Scholtenhuis in Groningen van 1 juli 1944 tot 15 april 1945. Hij stamde uit een Haarlems NSB-gezin. In deze stad werd een aanslag gepleegd op zijn vader Pieter Faber door het verzet. Hierdoor besloten Pieter en zijn broer Klaas Carel zich aan te melden bij de Hulppolitie.

Beide broers kwamen bij de SD in Groningen. Ze werden ingedeeld bij ‘Referat KNORR’; een afdeling die de linkse illegaliteit bestreed. Ze hebben zich actief ingezet bij de opsporing en arrestaties van verzetsmensen. Piet Faber was betrokken bij executies. Bijvoorbeeld bij de executie van de Friese koerierster Esmee van Eeghen en de verzetsman Luitje Kremer. Hauptscharführer Ernst Knorr en Piet Faber losten de dodelijke schoten.

Het zakboekje van Piet Faber bevat nauwkeurige aantekeningen van gezochte en gearresteerde verzetsmensen. Afgewerkte zaken werden in dit zakboekje boekhoudkundig doorgestreept. Op sommige bladzijden wordt zelfs de gebruikte munitie vermeld. Het is een onopvallend en symbolisch boekje over de geschiedenis van het Verzet in Groningen. Verzetsman Ad Mulder, na de oorlog medewerker van de Politieke Opsporingsdienst, heeft het boekje jarenlang bewaard, voordat het in de collectie van OVCG kwam.

Zakboekje van Pieter Johan Faber (1920-1948)

Collectie Oorlogs- en Verzetscentrum Groningen

Op sommige bladzijden wordt zelfs de gebruikte munitie vermeld.