De schuilplaats van Hooite Peper

Stadjer Hooite Peper werd  tijdens de oorlog  tewerkgesteld in Berlijn. Hij kwam  op kantoor te werken. Ook werd de  organisatie Kraft durch Freude opgericht, speciaal voor in Duitsland gestationeerde Nederlanders die wilden sporten. Peper kon goed voetballen en ging spelen in het Lagerelftal. Hij werd ook gevraagd om te komen spelen voor voetbalclub Tennis Borussia waar hij goed te eten zou krijgen. Peper ging niet omdat hij bang was bij thuiskomst te worden geschorst bij Velocitas, zijn voetbalclub in Groningen.

J. Dieterich, een Utrechtse NSB’er, regelde de interlands van het Nederlandse  voetbalteam, dat bestond uit Nederlandse dwangarbeiders. Peper speelde mee in de wedstrijd tegen Vlaanderen op 25 juli 1943 in het Mommsenstadion. Nederland won  met 6-3.

Na deze interland kreeg hij roodvonk en mocht hij  tijdelijk op verlof naar Groningen. Hij besloot onder te duiken bij zijn ouders aan het Hoornsediep 67a.

Op 21 februari 1945 onderzochten vijftien landwachten de woning. Peper was inmiddels achter de dubbele wand van de kast gekropen. Zijn vader liet de landwachten een brief zien waarin zijn zoon schreef dat hij vanuit Berlijn naar Bremen was gegaan. Na de oorlog bracht Peper de tekst aan op het achterpaneel van de kast die hem van arrestatie had behoed.

Achterpaneel kast met daarop de aangebrachte tekst door Hooite Peper (1922-2011)

Schenking van Klaas Doornbos, eigenaar van Hoornsediep 67a

Hij besloot onder te duiken bij zijn ouders aan het Hoornsediep 67a.