De kruik

In april 1945 woonde de familie Büchele op de hoek van de Oosterhamriklaan in Groningen. Vanuit hun woning hadden ze goed zicht op gevechten bij het Van Starkenborghkanaal. De Duitsers zaten in loopgraven aan de overzijde van het kanaal en de Canadese troepen bestreden hen urenlang met tanks en granaten.

Het was een enorm lawaai en de twee dochtertjes van zes en zeven waren erg bang. Vader stond voor het raam en iedere keer als een tank weer geladen werd, stampte hij heel hard op de grond en moesten de meisjes hun handjes op de oren doen. Moeder gaf hen dan een heerlijk zelfgemaakt snoepje van bruine suiker en pindaatjes om de klap van het schieten op te vangen. De meisjes en hun moeder zaten onder aan de trap, zodat ze snel naar buiten konden gaan als er iets zou gebeuren.

Na afloop van de gevechten vond vader buiten twee lege granaathulzen en nam die mee naar huis. Een kennis, die in de gasfabriek werkte, maakte van de hulzen een kruik met houder. De familie heeft nog vele jaren plezier gehad van deze bijzondere kruik.

Kruik en houder gemaakt van granaathulzen

Bruikleen van Mw. L. Büchele

Bij het Van Starkenborghkanaal bestreden de Canadese troepen de Duitsers urenlang met tanks en granaten.