De dagboeken van Kees Gortmaker

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden een half miljoen Nederlanders gedwongen tot Arbeidsdienst in Duitsland. Zij werden in de Duitse oorlogsindustrie tewerkgesteld. Kees Gortmaker, een Groninger van begin twintig, kwam terecht bij BUNA-Werke GmbH, een fabrikant van synthetisch rubber in de buurt van Leipzig.

Gortmaker hield een stel zeer gedetailleerde dagboeken bij. Ze geven een indrukwekkend beeld van de omstandigheden in een arbeidskamp. Van het vertrek vanaf het station van Groningen tot de corrupte praktijken van de SS’ers. Ook hoe vriendschap en solidariteit met andere gevangenen naarmate de omstandigheden verslechterden, geen stand bleken te houden. Verhalen van heimwee en onzekerheid, maar ook van satire. Gortmaker neemt geen blad voor de mond wanneer het gaat over zijn Duitse bewakers, met alle risico’s van dien. De dagboeken zijn op unieke wijze geïllustreerd met ansichtkaarten, prentjes, en entreekaartjes.

Na een jaar werken mocht hij op verlof naar Groningen. Hij besloot niet meer terug te keren naar BUNA en dook onder. Tot het einde van de oorlog trok hij van het ene naar het andere onderduikadres. Kort na de bevrijding trouwde hij met een meisje uit de stad. In het kader van de actie Niet Weggooien! heeft zijn dochter Ria van Leeuwen de dagboeken geschonken aan OVCG.

Dagboeken Kees Gortmaker (1919-1997)

Collectie Oorlogs- en Verzetscentrum Groningen

Gortmaker neemt geen blad voor de mond wanneer het gaat over zijn Duitse bewakers, met alle risico’s van dien.